Jaargang 5 Aflevering 28 MAANDAG 12 AUGUSTUS 2002
Deze column is afkomstig uit het archief van REFLEXXIONZZ!
Klik hier voor de meest recente aflevering.

OV-Reisverhaal

Klanerbroek, ofwel: Enschede - Winterswijk buitenom


Op 16 november 2001 werd de korte, doch internationale spoorverbinding Enschede - Gronau heropend. Dit is nu eens een historisch feit waarover we met een ultrakorte inleiding kunnen volstaan. De achtergronden van deze feestelijke gebeurtenis hebben wij namelijk al uitvoerig belicht op De digitale reiziger, in de aflevering van 3 maart 2001, rond de tijd dat de eerste schop voor dit railproject de grond in ging.

De spoorwegaanleg verliep voorspoedig; met slechts 2 maanden vertraging reed in november de eerste reizigerstrein het station van Enschede binnen. Maar snel daarna kwam het nieuwe spoorlijntje terecht op de lijst van probleemtrajecten. Vandalen pleegden aanslagen op de Duitse dieseltreinen; er werden voorwerpen op de rails gelegd en vele machinisten van de railexploitant, de DB-dochter Regionalbahn Westfalen, overschreden met trillende knieën de grens met het land van ons barbarenvolkje. De daders waren vermoedelijk jongeren die de spoorbaan jarenlang als speelterrein gebruikt hadden.

Verder voldeden de vervoerscijfers op het traject Enschede - Gronau (nog) niet aan de verwachtingen - die al heel bescheiden waren: 1500 passagiers per dag.

Ik had me altijd voorgenomen, het lijntje te ‘doen’ voordat het zijn eerste verjaardag zou vieren. Op de eerste zaterdag van augustus reisde ik oostwaarts.


Entwerten

De sporensituatie op station Enschede geeft volop munitie aan critici van het verenigd Europa. We hebben er dan weliswaar een nieuwe internationale railverbinding bij, maar tussen de spoorwegnetten van Nederland en Duitsland bestaat in Enschede geen enkele verbinding. De Intercitytreinen vanuit de Randstad en de buffels uit Zwolle lopen dood op een stootblok. Treinen uit Duitsland stoppen langs een apart perron, dat vanuit de stationshal slechts bereikbaar is via een omweg over de openbare weg. Op het eerste gezicht lijkt er één spoor door te lopen van Pruisen naar Holland, waarop weliswaar een Duitse én een Nederlandse stootbuffer staat, om de zaken gescheiden te houden. Maar als je goed kijkt, zie je dat tussen beide buffers enkele decimeters spoor ontbreekt. Per trein kunnen ze ons dan in ieder geval niet aanvallen, lijkt aan beide zijden van de grens gedacht te zijn.

Ook de aansluitingen kloppen natuurlijk niet. Wie per IC uit het westen arriveert, zal de boemel naar Gronau - Münster / Dortmund meestal net zien vertrekken, en omgekeerd. Dit is niet het gevolg van onderlinge haat tussen twee buurlanden die altijd enigszins problematisch hebben samengeleefd, maar dat van ordinaire zuinigheid. De baan tussen Enschede en Gronau is geheel enkelsporig. De trein naar Enschede moet in Gronau wachten op zijn tegenligger, en arriveert daardoor te laat op het eindpunt om aansluiting te kunnen geven op de IC. Dit probleem had gemakkelijk opgelost kunnen worden als bijvoorbeeld ter hoogte van station Glanerbrug een stukje dubbelspoor was aangelegd.

Verder is in de Enschedese stationshal geen enkele aanwijzing te vinden dat er uit die stad ook treinen naar Duitsland vertrekken; de gele vertrekstaten melden alleen de treinen in de richting van onze rivierdelta.

- - -

Op het Duitse perron, zal ik maar zeggen, staat een kaartenautomaat van Deutsche Bahn. Ik koop voor euro 2,30 een enkeltje Gronau; als ik eenmaal in die stad ben aangekomen, zal ik wel verder zien. Van dit excentrische perron vertrekt om .01 een stokoude dieseltrein die twee uur doet over zijn reis naar Dortmund, en om .31 een fonkelnieuwe ‘Talent’ (zie onze rapportage over de Volmetalbahn uit 2000) die in ruim een uur Münster bereikt.

Het noenuur nadert. Er arriveert een oude dieselbak, bestaande uit 3 vaalblauwe rijtuigen, en één rood exemplaar. Een man of dertig stapt uit; voor de retourrit staan slechts tien passagiers klaar. Ik klim aan boord, bedenk, dat ik mijn kaartje nog had moeten laten “entwerten”, en bedenk vervolgens, dat ik beschik over een zomertoerkaart, waarmee ik mag reizen tot Glanerbrug - nog net in Nederland, immers -; die plaats zal ik eerst wel bezoeken. Pas veel later schiet me te binnen, dat ik natuurlijk had kunnen volstaan met een enkeltje Glanerbrug - Gronau.

De trein vertrekt, hetgeen gepaard gaat met uitvoerig geronk. We rijden langs een wat vervallen industrieterrein, vervolgens door een uitgraving langs een woonwijk, en bereiken het eerste station, Enschede Eschmarke. Dit kijkt links uit op nieuwe bedrijven, en rechts op een stuk akkerland dat nog bebouwd moet worden met VINEX-huizen. Geen in- en uitstappers, natuurlijk. Een paar minuten later station Glanerbrug (“Klanerbroek”, kondigt de microfoon van de trein aan), dat verrezen is op een plek waar ik 17 maanden geleden alleen onkruid heb kunnen waarnemen. Een minimaal station: één perron, met daarop een abri-tje, een vertrekstaat en twee kaartjesautomaten, een Nederlandse en een Duitse, gebroederlijk schouder aan schouder.

Het regent; ik blijf staan wachten op de tegenligger. Er staan slechts 5 mensen; station Glanerbrug ligt aan de rand van het dorp, waarvandaan nog steeds elk kwartier een bus naar Enschede rijdt. Een van de passagiers in het wachthok, een vrouw van een jaar of 30, heeft een woeste, ongekamde bos knaloranje haar. Dat zou ik ook doen, als ik op 3 hectometer van de grens woonde: duidelijk uitkomen voor mijn nationaliteit.

De baan is kaars- en kaarsrecht; links van me naderen de lichten van de Talent. Hij stopt. Nu zie ik met eigen ogen wat ik al gelezen heb in verslagen van anderen: de vloer van de trein is veel te laag voor het perron, zodat je het gevoel hebt, in een afgrond te stappen. Kortom: ze hebben Nederlandse stations gebouwd, langs een spoorlijn waar alleen Duitse treinen kunnen rijden; wordt het ooit nog iets met dat verenigd Europa?

Deze trein is druk; een man of 100; ik vind ternauwernood een plaatsje. In Duitse steden is op zaterdagmiddag niets te beleven, en in Enschede blijven de winkels tot 17.00 uur open. Al in mijn stukje van vorig jaar voorspelde ik voor deze verbinding juist op zaterdagen een grote toeloop. Alleen op die dag komt de lijn in de buurt van het hierboven genoemde aantal van 1500 reizigers.

Ik toon de conducteur mijn zomertoer. Hij bestudeert de Nederlandse tekst, althans doet net alsof. Ik verschaf hem geen uitleg; zeker niet in het Duits; daarmee maak ik dingen meestal alleen maar erger. De man geeft mij het kaartje terug, waarbij hij een gezicht trekt waarop diepe minachting voor ons volk te lezen is.

Een klein Duits meisje klaagt met jengelende uithalen over uitdrogingsverschijnselen, maar dat lijkt me schromelijk overdreven op een wat kille dag als deze.

"Ensjéduh", wordt aangekondigd (de Talent beschikt over automatische halte-afroep); weten ze in Duitsland veel, dat je Enschedé moet zeggen? Dat is ook hoogst merkwaardig; etymologen hebben wel uitgeknobbeld dat en schede ‘aan de grens’ betekent, maar geen mens snapt waardoor dat accent op de laatste lettergreep ontstaan is. Misschien is deze é, waar je een sjwa zou verwachten, wel een soort sjibbolet, maar laat ik niet teveel jargon gebruiken.

Enkele passagiers weten de IC naar Amsterdam nog te halen; als je achter in de Talent bent gaan zitten, en erg hard kunt lopen, dan lukt het je soms de staart van de koploper nog tijdig te bereiken.

Ik wacht een halfuur, entwert mijn kaartje (waartoe op het perron alleen een Nederlandse stempelautomaat hangt) en pak dan weer zo’n oude diesel terug. Even na Klanerbroek passeert de trein het bruggetje over de Glanerbeek, en daarmee de rijksgrens. Dat zie je tegenwoordig nog het duidelijkst aan je telefoon. Het signaal van de mijne valt vrijwel onmiddellijk na de overschrijding terug naar het absolute minimum; als station Gronau in zicht komt, knippert het scherm even, en zie!: het wonder van techniek doet zich voor; hij vindt een Duitse provider. Willkommen!


Der Konsequente Binladen

Gronau is een stadje met 45.000 inwoners, inclusief Epe, en is evenals Enschede in de tweede helft van de 19e eeuw tot bloei gekomen door de textielnijverheid. Nederlanders hebben daaraan een belangrijke bijdrage geleverd; de eerste textielbaronnen in Gronau waren Twentenaren, en rond de eeuwwisseling bestond de beroepsbevolking van de stad voor de helft uit arbeiders van over de grens. Neemt niet weg, dat Gronau niets Hollands heeft; het kon evengoed aan Polen grenzen als aan Nederland. Geen Holländisches Viertel hier. Alle Duitse steden lijken wel een beetje op elkaar.

Gronau heeft enkele monumenten, in de gedaante van vroeg-20ste eeuwse Jugendstilpanden. De stad is aardig geconserveerd gebleven in de Tweede Wereldoorlog, zeker voor een grensplaats. De RAF-piloten hebben Gronau vrijwel ongemoeid gelaten, misschien uit vrees om in het duister per ongeluk Enschede plat te gooien.

Vlak bij het station is een SPD-winkel, vol slogans. Een groot affiche somt op, in welke opzichten bondskanselier Schröder het de afgelopen vier jaar beter heeft gedaan dan zijn voorganger Kohl. Veel verkiezingsposters in Gronau; de Bundestagwahl nadert. Op de openbare aanplakborden krijgt elke partij zijn eigen vakje toegewezen, waarvan de lijnen met geen millimeter overschreden mogen worden.

Ik bekijk de etalage van een winkel in ecologisch verantwoorde producten. Hij heet “Der Konsequente Bioladen”; deze tekst is in plakletters aangebracht op de etalageruit, maar een lolbroek heeft in “Bioladen” het onderste stukje van de “o” weggekrast, zodat er “Binladen” staat.

Voorbij de binnenstad ligt een groenzone, doorkruist door enkele beekjes. Maar het gaat steeds harder regenen, en ik vlucht het winkelhart weer binnen. Sommige winkels zijn open tot 12.00 uur, andere tot 1 of 2 uur, zodat de zaterdagmiddag hier als een nachtkaarsje uitgaat. Karstad blijft tot 16.00 uur bereid, klanten te ontvangen. Ik loop het warenhuis binnen; het is maar een klein filiaal, met slechts één verdieping.


Mehr Megahertz für unsere Kinder

Ik zie af van een rit naar Münster; waarom nog een klein uur in de trein zitten, alleen om te ontdekken dat het ook daar regent? In plaats daarvan zal ik de trein nemen naar Ahaus, op de lijn naar Dortmund, en daarvandaan de bus naar Winterswijk, een rit van ca. drie kwartier, om daar mijn zomertoer voort te zetten.

Rond het station van Gronau zijn bouwactiviteiten gaande die duiden op city-vorming. Ik trek een kaartje uit de automaat en stap in de trein naar Dortmund, v. 14.21. Deze moet, mede ten gevolge van de ontbrekende kruisingsmogelijkheid tussen Enschede en Gronau, in beide richtingen zo’n 10 minuten stationnement houden in Gronau.

Meteen na het verlaten van het station buigen we scherp naar rechts. Na een minuut of vijf komt station Epe in zicht, bestaande uit niet veel meer dan een laag perronnetje. Dit wordt gegeseld door slagregens. Het duurt bijna een eeuwigheid voordat de tegentrein arriveert; we zullen er op moeten wachten. Zo wil het wel twee uur duren, vooraleer je in Dortmund bent.

Ik denk aan die vage kennis van me, die er prat op gaat, bijna 100.000 kilometer afgelegd te hebben van het mondiale railnet, en ook deze halfvergeten spoorlijn wel bereisd zal hebben. Niet vaker dan één keer, vermoed ik. En ik denk aan de slogan van de FDP die ik in Gronau gezien heb: “Mehr Megahertz für unsere Kinder”. Alle kinderen aan de computer! Politieke partijen houden gaarne pleidooien voor beter onderwijs, al geven weinig politici zelf blijk van een opvallend grote eruditie. Maar ik vraag me af, of het aan de FDP-propagandamachine niet bekend is, dat we allang het Gigahertz-tijdperk zijn binnengegaan. Welk schoolkind zou blij zijn met een PC waarvan de kloksnelheid nog in Megahertz wordt opgegeven? Speel daar maar eens een behoorlijk spelletje op!

De tegenligger is gearriveerd en mijn trein komt weer in beweging. We doorkruisen een Achterhoek-achtig landschap. Deze streek is ook in Duitsland een achterhoek.

Na een ritje van nog geen 10 minuten bereiken we Ahaus. De krappe wachtruimte op dit station staat afgestampt met tientallen mannen; alleen mannen. Ze hebben fotocamera’s in de aanslag - om de regen te fotograferen? Ik wil ook wel even droog staan, maar ze merken me niet op, en laten me er niet in, of ik nu al Entschuldigung! zeg, of begin te douwen: in die massa Duits mannenvlees komt geen beweging. Waar wachten ze trouwens op? De eerstkomende 40 minuten zal geen trein zich hier laten zien.

Dan verschijnt er, tot enthousiasme van de heren, een Sonderzug bestaande uit twee antieke rode “railbussen”, ultrakorte dieselwagentjes. Kirrend van genoegen springen ze erop af; dringend om er maar als eerste in te komen. Ach, ik had het kunnen weten: railhobby-mannen die een ritje mogen maken; ze zijn overal ter wereld hetzelfde. Even, gedurende een tiende seconde, overweeg ik ook in de railbus te stappen en dan maar te zien wat er van komt - wedden dat ze me niet eens zién! -, maar ik verman me, blijf achter in de abri, en zie het pieremachochel wegrijden.


Die hin oder was zurück Garantie

Het stationsgebouw van Ahaus is nieuw; er is een in beginsel gezellige restauratie met terras, maar die zit dicht. Regen stroomt neer op ingeklapte parasols.

Aangezien het er niet naar uitziet dat het binnen afzienbare tijd droog zal worden, neem ik plaats in een wachthokje op het stationsplein. Ik moet bus S71 hebben, Winterswijk - Schöppingen v.v. Deze lijn rijdt eens per uur (op zon- en feestdagen vijf keer per dag) en wordt geëxploiteerd door Regional Verkehr Münsterland GmbH. Er stoppen hier meer lijnen van RVM, maar die hebben op zaterdag een niet al te hoge frequentie, want gedurende het halve uur dat ik hier sta te wachten, zie ik slechts één andere bus.

RVM kent een "hin oder was zurück Garantie", die erop neerkomt dat de busmaatschappij garandeert, niet meer vertraging op te lopen dan 20 minuten. Wie dat toch overkomt, mag op kosten van de streekvervoerder voor maximaal 25 euro de taxi nemen om op zijn bestemming te komen.

De S71 naar Winterswijk verschijnt; een gelede “Euro-Schnellbus”, inderdaad precies op tijd. We rijden door het centrum van Ahaus, dat er na winkelsluitingstijd even knus uitziet als een gedemilitariseerde zone na het ingaan van de avondklok; gelukkig is een wandeling daar me door de regen bespaard gebleven.

Prachtige, hypermoderne bussen, die Euro-snelbussen, met een interieur dat doet denken aan dat van touringcars. Tot het comfort behoort individuele belichting, en de mogelijkheid, een hoofdtelefoon aan te sluiten op een soort radiodistributie. Je kunt kiezen uit WDR-2, Eins Life, CD Pop of CD Klassik. Een man aan de overzijde, een vijftiger, heeft beide oren verbonden met het radiosysteem, en heeft overduidelijk gekozen voor hedendaagse pop, op orkaankracht: ik kan het basritme meetikken (tsjie-tsjie, tse-tsjie, tse-tsjie). Verder staat er bij de chauffeur een lectuurmand, waar je leesvoer voor onderweg kunt uitzoeken.

We rijden door een rustgevend landschap, met bosschages. Het dorp Wessum heeft een opvallende kerkspits, met een trapgevel. Overal zie ik telegraafkabels, met kraaien erop, zoals in de film Birds.

Aan al het mooie komt een eind; bij het busstation in Vreden moeten we een niet in de dienstregeling opgenomen overstap maken op een iets minder mooie gelede bus. Ik begrijp het wel: de RVM wil Nederlanders, die het kwaliteitsniveau van Syntus en connexxion gewend zijn, niet de ogen uitsteken met hun Euro-Schnellbus. Ook de popliefhebber kan met enige moeite duidelijk gemaakt worden dat hij eruit moet. Node bevrijdt hij zijn hoofd uit de kabels; de andere bus heeft wel een leesmand, maar geen muziekvoorziening.

Nu resteren nog enkele kilometers tot aan de grens. De pop-man stapt uit bij de allerlaatste halte in Duitsland; hoogst verdacht. Ik vertrouwde hem meteen al niet. Precies op het moment dat we de grens passeren, bij de buurtschap Huppel, hervindt mijn telefoon zijn Nederlandse provider, en breekt de zon door. Het eerste vind ik verklaarbaarder dan het tweede.

In het centrum van Winterswijk stappen de laatste twee passagiers, op mij na, uit. Tot mijn schrik rijdt de bus even later de Syntus-garage binnen. Gaat hij niet naar het station? Maar de garage blijkt pal tegenover het station te liggen, en dienst te doen als begin- en eindpunt van een aantal buslijnen.

Ik pak de LINT richting Zutphen, die ik al beschreven heb in juni 2001, en bekijk mijn aantekeningen van een zeer kortstondig en grotendeels verregend buitenlands verblijf. Kan ik hier nog een overtuigend en boeiend verhaal van maken?

Frans Mensonides

- - - -

Ik weet, dat ik minstens één lezer een plezier doe met Duitse treinnummers. Hier volgen ze.

Enschede - Glanerbrug: 624-601-9 (de 1 kan ook een 2 zijn)
Glanerbrug - Enschede (Talent): 643-057-3 (de 2e 3 kan ook een 2 zijn)
Enschede - Gronau: 624-677-1
Gronau - Ahaus: 624-637-5
Eén van de twee railbussen 796-27.



Aflevering gemist? Kijk in het overzicht van recente REFLEXXIONZZ! in de rechterkolom.

Daar is ook te zien: de uitsmijter van Fris Spr!ts.

Pasfoto:

foto: Wim Scherpenisse


Colofon

REFLEXXIONZZ! biedt columns over openbaar vervoer en andere onderwerpen, reisverslagen, korte verhalen en geen gedichten.
Dit digitale magazine verschijnt in de regel twee keer per week; wie elke maandagmorgen en vrijdagmiddag een bezoek aflegt, zal meestal wel iets nieuws vinden.
Teksten: Frans Mensonides en/of Fris Spr!ts, tenzij anders vermeld.

REFLEXXIONZZ! maakt deel uit van de opgeheven site De digitale reiziger, waarvan het archief nog toegang verleent tot alle tussen 1996 en 2001 verschenen artikelen.

Wie op de hoogte gehouden wil worden van alle updates, kan zich aanmelden voor de nieuwsbrief Reiziger.

Op- of aanmerkingen, opbouwende of afbrekende kritiek, benevens suggesties zijn welkom in mijn brievenbus. Vrijwel alle brieven worden door mij beantwoord, zij het meestal niet per kerende post.


Overzicht meest recente REFLEXXIONZZ!

Wimpel-wissel - Pijnlijke persoonlijke ervaringen met impopulariteitspolls - Za 10.08.2002
- - - -
Papierkunst - Over de dichter H.F. Tollens Czn. en de Holland Papier Biënnale - Wo 07.08.2002
- - - -
Niet naar de tuinen van Appeltern (OV-reisverhaal) Buurtbus en bloedhitte langs de Maas - Zo 04.08.2002
- - - -
Haal meer uit je leven! de capriolen van ons autobiografisch geheugen - Do 01.08.2002
- - - -
Kaasstad Op huizenjacht in Snel en Polanen - Ma 29.07.2002
- - - -
Krach Speculeren op de beurs is zonde - Vr 26.07.2002
- - - -
Requiem voor een reiziger (KORT VERHAAL) Een verbijsterend toeval - Wo 24.07.2002
- - - -
Louter presentexemplaren (OV-reisverhaal) Zon, zeelucht en pointillisme op Walcheren - Zo 21.07.2002
- - - -
Dit is niet het colofon Schrijfles op een schrijfschool - Wo 17.07.2002
- - - -
3 maal daags 1 placebo Mijn antwoord op matige depressies - Za 13.07.2002
- - - -
Overzicht van ALLE verschenen afleveringen; 1998 - heden



De uitsmijter, door Fris Spr!ts

Regen in Europa verpest veel vakanties

Ook de tentharingen zwemmen!

Ha, ha, hi, hi, ho, ho: allemaal even lachen om alweer zo'n flauwe, smakeloze woord-bak van Hollands kortste en kleinste columnist, ingehuurd van de goedkoopste krant van ons land: uw aller Fris Spr!ts.


© 2002, Frans Mensonides, Leiden


33/177/309/37,7